Jónsi, de kunstenaar die muziek maakt
Tekst van Jakob Gooijer en René Jonkers
Foto: Hans Kreutzer
STRP staat voor Strijp, genoemd naar het terrein waarop het STRP Festival gehouden wordt. Het terrein Strijp-S is een groot industrieel gebied waar Philips vorige eeuw bijna al haar revolutionaire uitvindingen heeft gedaan. Het STRP festival is een mix van muziek, kunst en technologie en de organisatoren hadden geen betere keus kunnen maken door Jónsi en Olafur Arnalds uit te nodigen om deze mix waar te maken. In het kader van het STRP Festival vertoonden zij 24 november 2010 hun kunsten in respectievelijk het Muziek Gebouw Frits Philips in Eindhoven en de Effenaar in diezelfde plaats.
Na een slaperig en mistroostig voorprogramma van de Canadese formatie Timber Timbre, waarbij de bandleden door de vreemde manier van belichting vrijwel niet te zien waren (daar kom je dan helemaal voor uit Canada) was het de beurt aan de voormalige frontman van Sigur Ros: Jónsi.
Jónsi, wiens officiële naam Jón Þór Birgisson luidt, is in veel opzichten een bijzondere man. Zijn concerten zijn niet bepaald doorsnee te noemen. Dat begint al met zijn extravagante outfit. Getooid met veren en indiaanachtige kledij wist hij zijn publiek al vanaf het eerste moment te boeien. Voor deze tour heeft Jónsi een 4-koppige band om zich heen geschaard die samen met hem van begin tot einde een doorlopende, uitgestippelde voorstelling geven met een mengeling van muziek, kunst en animatie. En met een minimale belichting werd er voor gezorgd dat de concentratie vooral op de muziek en animaties kwam te liggen.
Als je naar Jónsi gaat, bezoek je geen concert, maar hij trakteert hij je op een theaterstuk. Zeg maar gerust Kunstcert. Jónsi heeft geen vrolijke kijk op het leven. Dit bleek uit de animaties die vooral op de natuur gestoeld en vaak catastrofaal zijn. Het publiek onderging in rust en verbazing het schouwspel en bleef geboeid tot de laatste minuut.
Wie goed oplette, hoorde dat Jónsi niet in de Engels of IJslands taal zong. Hij heeft zijn eigen taal ontwikkeld die hij Vonlenksa noemt. Een meer op klanken beruste vocale invulling, dan echte woorden. Ook hier kwam het kunstzinnige aspect weer naar boven, want de kijker kon op deze manier zijn eigen interpretatie geven aan wat hij hoorde en zag.
Af en toe haalden ritmische delen in de nummers ons uit onze trance en kwamen we even bij onze positieven toen het hitje “Go Do” langs kwam. Helemaal heftig was het laatste nummer “Grow Till Tall”. Het Muziek Gebouw trilde op zijn grondvesten en hier liet Jónsi horen, dat ook hij niet vies is van een stukje bombastische postrock. Een prachtige afsluiting van een bijzondere avond muziektheater. Jónsi is geen muzikant. Jónsi is een kunstenaar die muziek maakt.







