The New York Dolls krijgen het Paard van Troje niet op gang
Fotografie: Maurits van Hout
Den Haag staat niet bekend als een stad van seks, drugs en rock & roll. Toch weet het Paard van Troje om The New York Dolls op 22 april 2010 naar Den Haag te halen. Of Den Haag de juiste plek is voor een concert van The NY Dolls valt te betwijfelen.
The NY Dolls staan bekend als een post-punk band. Zij mixten als eersten punk met metal. Heden ten dage zijn David Johansen en Sylvain Sylvain de overgebleven oude rotten van de band.
Als ik de zaal binnenloop bekruipt mij het gevoel dat ik op een ouderensoos ben beland. Eigenlijk wel logisch, want hier zijn liefhebbers die evenals Johansen met hem in leeftijd zijn meegegroeid, maar niet in uiterlijk. De gemiddelde toeschouwer is man en komt naar dit concert in gestreept overhemd, de das nog net niet afgedaan, spencertje of geblokte trui. Johansen echter, is rock ‘n roll gebleven.
Het loopt stroef vanavond. De band krijgt hun publiek maar niet op gang. Zanger David Johansen en gitarist Sylvain Sylvain trekken er hard aan. Kritisch kijken rijen toeschouwers met de handen in de zakken, armen stevig over elkaar of quasi-nonchalant een biertje in de ene hand en de andere hand verstopt in de broekzak, toe hoe Johansen enthousiast vraagt om met hem mee te zingen en klappen. Er gebeurt niets in de zaal met uitzondering van de mensen op de eerste rij. Een hele zaal staart naar de Dolls die verwoede pogingen doen om de
mensen los te krijgen. Zelfs als Johansen met zijn achterwerk schudt, doet niets bij het publiek.
Pas tegen het einde van het concert, bij de bekendere nummers zoals bij een gitaarsolo van Michael Jackson’s “Billy Jean” en hun versie van “Hey Bo Didley”, komt het los in de zaal. En dit is niet het werk waar The Dolls om bekend staan. Het moet een rampzalige avond voor The New York Dolls zijn geweest. Ze hebben gedaan wat ze moeten doen.







